De grote boosdoener is het verhaal van de voorstelling. In eigen land zal de Britse komiek Ben Elton met zijn script zijn landgenoten de dijen ongetwijfeld donkerblauw hebben laten kletsen, maar de algemene oordeel hier in Nederland was ‘zeer matig’ op z’n vriendelijkst gezegd. Het verhaal, een satire rond de strijd van moedige rebellen voor het behoud van eerlijke muziek zonder technologie, was al achterhaald toen de musical in Nederland voet zette. Elektronische muziek was hier allang de standaard en alom geaccepteerd. Sterker nog, nadat Queen op haar eerste albums steevast ‘No synthesizers!’ in de liner notes liet opnemen, was de groep zelf al in 1980 daarvan afgestapt en was hun hit ‘Play the game’ rijkelijk aangevuld met elektronica.
De verhaallijn zelf mocht eigenlijk vanaf de tekentafel al de prullenbak in. Natuurlijk, veel verhalen moeten het hebben van een held met een missie en een slechterik die alles op alles zet op de missie te laten mislukken. We will rock you heeft Galileo en Scaramouche die op zoek gaan naar een relikwie uit de tijd van de echte muziek, een elektrische gitaar ergens verstopt in het Londense Wembley Stadium waar Queen ooit historische concerten heeft gegeven.
De kwade genius is Killer Queen die met kompaan Khashoggi een dictatoriaal bewind voert en alle eigenzinnigheid onder de onderdanen de kop in wil drukken. Dit boosaardige stel wordt echter zó dom, zó intellectueel beperkt voorgesteld, dat er geen enkele dreiging van uitgaat en wij geen moment iets van verbondenheid voelen met onze arme helden. Tel daarbij behoorlijk flauwe dialogen op en je krijgt taferelen die terug doen denken aan Jan Klaassen en Katrijn die belaagd worden door Bertje Boef. Of Swiebertje door Bromsnor. Toegegeven, die scènes waren indertijd leuk, maar dat was in een tijd dat alle entertainment nog in zwart-wit was.
Voor de nieuwe versie is komiek Jon van Eerd aangetrokken om het stuk opnieuw te vertalen, te bewerken en te actualiseren. Maar hoe kundig en ervaren Van Eerd ook is in het entertainmentvak, het stuk lijkt gewoonweg niet te redden. Het gemoderniseerde resultaat is volgestopt met knipogen naar de hedendaagse realiteit, lees: de realiteit onder de huidige president van de Verenigde Staten. Twee, hooguit drie grapjes waren leuk geweest, maar de voorstelling is overladen met verwijzingen naar Groenland, het tekenen van stapels decreten, de Straat van Harmuz en ga zo maar door. Was ‘alles met mate’ niet ooit het devies? Of ‘alles in drieën’? Het nadelige resultaat is dat het publiek zo gebrand raakt op het herkennen van hints, dat de voorstelling meer een speurtocht naar die hints wordt, geen boeiend verhaal meer is dat verteld wordt.
Jammer. Jammer omdat op het toneel fantastische acteurs staan, waaronder winnaars van Musical Awards Nyassa Alberta en Lucas Hamming. Acteurs die een betere uitdaging verdienen dan We will rock you. Aan bijvoorbeeld Luuk Haaze (Khashoggi) valt duidelijk af te lezen dat hij als schurk veel meer respect voor zijn acteren kan afdwingen dan met deze rockversie van Bertje Boef. De choreografie van Kim Duddy is opvallend sterk en ensembleleden als Jules Avery en Nassim Soussani grijpen hun kans om indruk te maken. Brecht van Arnhem en Magtel de Laat zingen fantastisch en maken prachtige versies van ‘Somebody to love’ en ‘I want to break free’. Diederik Rep zorgt voor een zeldzaam moment van rust en zelfs een hint van ontroering met het ingetogen ‘These are the days of our lives’. Het valt dan ook op dat in alle premièreverslagen door entertainmentprogramma’s op televisie geen enkele BN’er het verhaal prijst, maar snel in een veilige afleidingsmanoeuvre roept hoe legendarisch de muziek van Queen is. We will rock you is slechts verteerbaar door de ongelooflijke songs van Queen.
Tot slot, een van de grootste vraagtekens van de voorstelling. Als We will rock you zo hartstochtelijk een lans breekt voor ‘echte’, ‘goudeerlijke’ rockmuziek en je een geweldige band hebt samengesteld om die muziek te realiseren, waarom krijgt het publiek de bandleden nooit echt te zien? We zien de bandleden af en toe op de achtergrond, in een boter-kaas-en-eierenopstelling, maar de voorstelling biedt ons alleen hun silhouetten. We horen de legendarische gitaarsolo’s van Brian May uitstekend neergezet worden, maar waarom verdient gitarist Jurgen Burdorf niet het volle licht?
foto’s: Danny Kaan