X

Wist je dat?

Je kunt met de slider zelf bepalen of je nu meer het artikel wilt lezen of de videoreportage wilt bekijken.

Recensie

The Last Ship ⭐⭐⭐⭐

Zondag 18 januari ging The Last Ship, de musical van Sting, in première in Koninklijk Theater Carré. De voorstelling zag voor het eerst het licht in 2014 en is sindsdien voortdurend doorontwikkeld tot de productie zoals die in Carré te zien is. ⭐⭐⭐⭐

Gebruik de slider om te bepalen wat je het meest wilt zien.

De 74-jarige Sting is natuurlijk bekend als frontman van de wereldberoemde band The Police, die talloze hits voortbracht. De laatste decennia heeft hij een indrukwekkende solocarrière opgebouwd met werk dat onder andere bekend staat om zijn maatschappelijke betrokkenheid. Dat engagement zien we ook in deze productie terug. The Last Ship is Stings reflectie op zijn jeugd in het Noord-Engelse Wallsend, om de hoek bij Newcastle, waar de lokale gemeenschap zwaar leunt op de scheepsbouwindustrie. Uit die gemeenschap is Gideon Fletcher (Declan Bennett) ooit vertrokken, vastbesloten om niet het hetzelfde zware arbeidersleven als van zijn vader te gaan leiden. Een gelijkenis met het persoonlijke leven van Sting is hier te trekken want ook Sting besloot zich aan een toekomst in de scheepsbouw te onttrekken (en de rest is historie) zodat Gideon als een soort alter ego gezien kan worden. 

Nadat zijn vader is overleden, keert Gideon na 17 jaar terug in zijn geboorteplaats. Daar constateert hij dat zijn oude leven niet zomaar meer opgepakt kan worden. Zijn jeugdliefde Meg Dawson (Lauren Samuels) heeft niet op hem gewacht en is inmiddels samen met een ander. Meg is uitermate verbitterd dat Gideon er destijds zomaar vandoor is gegaan en nu terugkeert alsof er niets is gebeurd. Dat er uit hun jeugdliefde een dochter is voortgekomen, is voor Gideon een complete verrassing. En ook dochter Ellen (Hannah Richardson) weet aanvankelijk niet wat haar overkomt.

Genoeg drama op persoonlijk vlak, maar er zijn nog andere, grotere problemen. Tijden veranderen en de zware industrie staat onder grote druk, nu Engeland onder de snoeiharde leiding van Margaret Thatcher - The Iron Lady -  in een razend tempo op weg is zich om te vormen van een maakindustrie naar een dienstenindustrie. De overheid wil af van staatsbedrijven en de niet meer rendabele scheepswerven zijn een doorn in het oog. De focus ligt op de vrije markt, er moet geprivatiseerd worden. Een dreun voor de lokale arbeidersgemeenschap, die hun bron van inkomsten en trotse identiteit ernstig bedreigd zien worden. Voor hen is er simpelweg geen ander leven denkbaar; “For the only life we’ve known is in the shipyard” is hun krachtig statement. De overheid is echter onverbiddelijk. De werf van Wallsend zal tijdelijk worden gesloten tot het in private handen komt, waarna slechts een klein deel van de werknemers opnieuw in dienst zal komen. De arbeiders wordt voorgehouden dat als zij de boel gaan saboteren, de werf voorgoed dicht gaat en dit het laatste schip is waaraan zij zullen werken. Sociale onrust, demonstraties en clashes met de politie zijn het te verwachten gevolg.  Jackie White (Sting) is de voorman van de werf die de mannen ondanks een sterk afnemende gezondheid blijft leiden, moed inspreekt en bij elkaar houdt. Hij weet de arbeiders te bewegen niet in te gaan op de provocaties van de overheid en politie. Een vreedzaam alternatief plan wordt bedacht als ultieme poging het schip in ieder geval af te bouwen en de eigen trots te behouden.

De thematiek in The Last Ship doet direct denken aan de musical Billy Elliot, over de jongen die op basis van zijn ballettalent aan de grauwe dagelijkse realiteit van de mijnbouwindustrie weet te ontsnappen. Parallellen zijn zeker te trekken, maar waar het leven van Billy centraal staat in Billy Elliot, ligt in The Last Ship de focus meer op de arbeidersgemeenschap die zijn identiteit en waardigheid wil behouden als ‘hun’ scheepsbouwindustrie dreigt te verdwijnen. Het reilen en zeilen van Gideon heeft hier meer een dienende rol. 

De cast van The Last Ship is van een kwalitatief hoog niveau. Met name de rollen van Gideon en Meg zijn uitstekend bezet. Bennett en Samuels zijn gevestigde namen in de Londense West End en laten zien wat zij in huis hebben. Vooral wanneer Bennett ten tonele verschijnt gebeurt er wat en ga je als liefhebber op het puntje van je stoel zitten. Natuurlijk spel en een prachtige stem doen hier wonderen. Het duet met Samuels “When We Dance” is een van de hoogtepunten van de voorstelling. Het spel van Sting is overtuigend en geloofwaardig. Hij geeft voorman White de uitstraling van een echte leider op de werf, type ruwe bolster blanke pit, die het beste voor heeft met zijn mannen. Maar ook in de momenten dat het drama in Whites privésituatie toeneemt, blijft Sting overeind. Het spel is mooi gedoseerd en op geen enkel moment over de top. In ogenschouw nemend dat hij geen achtergrond heeft in de theaterwereld, is dit een knappe prestatie. Vocaal is Stings kunnen natuurlijk meer dan bekend.

Last but not least: Het sterke ensemble verdient een groot compliment en bewijst op een aantal momenten dat een heel simpele opstelling en choreografie zowel visueel prachtig als heel krachtig kan zijn. En last but not least: De score van The Last Ship is een heel fijne. De voorstelling bevat zowel nieuw materiaal van Sting, dat zijn signatuur overduidelijk draagt, als bewerkingen van enkele van zijn bekende hits die goed passen in de thematiek van het verhaal. Genoemde songs worden overigens niet door Sting zelf uitgevoerd, maar dat doet zeker geen afbreuk. Vooral de uptempo versie van All This Time is een hoogtepunt in de show. De muziek varieert van krachtig en dramatisch, zoals in de muzikaal en visueel overdonderende (pauze)finale, tot klein en gevoelig, met folkaccenten die uitstekend passen in de sfeer van deze voorstelling waar de arbeidersgemeenschap zo’n voorname rol speelt. Met name aan het einde van de eerste akte overheersen de rustige songs, wat de voorstelling wat doet vertragen.

Het decor van The Last Ship is een scheepswerf en is groots en indrukwekkend te noemen. We zien de boeg en kiel van een enorm schip waaraan gewerkt wordt, bewegende loopbruggen, steigers en andere werktuigen, ondersteund door projecties. Visueel ziet het er prachtig uit en de opening en finale van The Last Ship zijn ronduit indrukwekkend te noemen. Het sounddesign is geweldig.

Er valt dan ook veel te genieten in Carré, maar toch is The Last Ship (nog) geen meeslepend, meerlaags meesterwerk. De voorstelling oogt wat eendimensionaal en er is weinig ruimte voor interpretatie en verbeelding. En tegen het einde van de eerste akte kabbelt de voorstelling wat te lang voort. Dat neemt echter niet weg dat de voorstelling een zeer mooie theaterbeleving biedt en een uitgelezen mogelijkheid is om het icoon Sting in een andere setting dan gebruikelijk van zo dichtbij te bewonderen.

foto’s: Mark Senior





18 January 2026
Première
Amsterdam
Koninklijk Theater Carré
http://www.thelastship-musical.com
sting, the last ship, declan bennett,


Over de auteur

MarkZ schreef dit artikel voor jou

MarkZ

Mark is sinds 2016 redacteur bij Musicalworld. Zijn eerste musical was Miss Saigon, met Tony Neef en Linda Wagenmakers, eind jaren '90 van de vorige eeuw. De voorstelling liet een onvergetelijke indruk achter en veroorzaakte een heftige theaterverslaving, die niet meer te beteugelen bleek. Dik 20 jaar later heeft Mark inmiddels ontelbare voorstellingen bezocht, de laatste 10 jaar voornamelijk in Londen. Zijn all time favourite is Les Miserables, die hij in Nederland, Belgie, Duitsland, USA en Engeland inmiddels al in totaal zo'n 50 keer heeft gezien. Mark kan echter niet uitsluiten dat dit aantal nog zal stijgen...

Meer van MarkZ

Meer artikelen van MarkZ

Delen