De eenakter van zo’n 100 minuten door het nieuwe gezelschap Club Satelliet, bestaande uit Judith Boesen, Sterre Verschoor en Elaine Hakkaart, is zeker geen aaneenschakeling van het bespottelijk maken van de tradwife, maar bevat ook een hoop maatschappijkritiek en knipogen naar de hedendaagse tijd in zijn algemeen. Het is een knap debuut - de voorstelling borduurt wel voort op een eerdere kortere fringe-versie van het stuk – dat de dames niet alleen spelen, maar ook van script en muziek hebben voorzien.

Drie kleurrijke deuren op de Oud ’s Gravendammerlaan, in Oud ’s-Gravendammerwouderveen, met daarachter drie buurvrouwen, die één zijn in hun een gedachte. Trots op hun uiterlijk, trots op hoe ze hun man verzorgen. De kleur van de kleding is dezelfde als de van hun voordeur. Holly (Judith Boesen), nog kinderloos, draagt roze. Molly (Elaine Hakkart) houdt het op geel, en Polly (Sterre Verschoor) zien we in het groen. Deze laatste is de meest dominante van het drietal. Ze heeft een blog waarin ze haar tradwife-hoogtepunten deelt, en ook niet schroomt af te geven op vrouwen die een ander leven leiden. Het hoogtepunt was een vrouw als hen kan overkomen is het winnen van de tradwife van het jaar-verkiezing. Als Molly zwanger blijkt te zijn is dat volledig volgens hun doel in het leven, al blijkt uit “Kut, een meisje” meteen ook de superioriteit van de man. Het delen van wetenswaardigheden kan ook voor wat onderlinge frictie veroorzaken. Als een van hen aangeeft dat Arabica-bonen slecht zijn voor de mannelijke voortplanting, reageert Polly kribbig dat haar Kelvin prima zaad heeft (en de lading kinderen die zij heeft is daar ook wel het bewijs van). Kelvin is wel vaak lang van huis naar verre buitenlanden.

Als bij het wekelijkse verzorgen van de tuin van Molly een aantal documenten naar boven komt met een diploma, en blijkt dat de Renee van der Pol op die documenten een vrouw is, zet dat iets bij Holly in gang. Zij wil ook studeren, en vertrekt, stiekem – maar wel betrapt – naar ‘Randstad’, waar ze in haar naïviteit veel opmerkingen vriendelijker opneemt dan ze zijn bedoeld. Ze belandt bij Druif en Rots, en gaat zich verdiepen in genderstudies. Als duidelijk wordt waar Holly vandaan komt, wordt ze gestimuleerd de vrouwen in haar dorp te gaan ‘bevrijden’. Waar Holly inmiddels een award-nominatie heeft gekregen, en haar stress en haar aantal volgers ziet stijgen – 90.000, komt Molly voor een dilemma te staan. Haar man Freek is, alle voetmassages ten spijt, zodanig gevallen dat hij maandenlang niet kan werken. De nood is hoog in de glasvezelkabelfabriek, en Molly besluit voor Freek in te vallen. Ze blijkt er goed in, wordt in no time hoofd van de afdeling, maar merkt ook dat werk moeilijk combineert met haar visie op het huishouden. En zo lopen de drie dames tegen hun grenzen aan en komen de onderliggende emoties vrij. Hoewel het slot niet het beste deel is van de voorstelling, wordt er toch een mooi einde aan gebreid.

Veel is grotesk in deze door Imke Smit geregisseerde en door Roman Brasser gechoreografeerde voorstelling. Zo is een bizar barings-schaduwspel, rond een scène over kolfen. Als vrijgezelle man heb ik nooit stilgestaan bij hulpmiddelen hierbij, maar het is te hopen dat de kolfmachines, met lichtgevend reservoir op de rug (Ghostbusters) inderdaad een absurde vergroting is van de realiteit. Het leidt tot grote hilariteit in de zaal. De kleding in Randstad oogt retro-futuristisch, wat mooi contrasteert met de mantelpakjes-achtige kostuums van de tradwives.

Dat de dames muzikaal gecoacht zijn door Jan Groenteman, een meester in het maken van pastiche-nummers lijkt hoorbaar. Ook in deze voorstelling hebben veel songs een herkenbare sound. Van eighties-synthesizer naar eigentijds Andrew Sisters-achtig, met als meest opvallende song een soort Prodigy-light nummer. Ze liggen goed in het gehoor, en worden voortreffelijk uitgevoerd. Laten we hopen dat het niet bij één nummer op spotify blijft.

Tradwives zal je vooral smakelijk laten lachen, en misschien iets soepeler laten denken over anderen die je gedachtegoed niet helemaal delen. Het zelfs voor een première grootse slotapplaus is dan ook zeker verdiend. Een voorstelling die je, tenzij je hele lange tenen hebt, zeker moet overwegen.
